Het Anky-gevoel

Geluk lijkt tegenwoordig iets waar je aan kunt werken. Iets wat je via mediteren en mindfulness in je drukke agenda kunt inpassen. Maar geluk is niet na te streven als constante, euforische staat. Gelukkig zijn is vooral het volledig accepteren van de realiteit, het doorzien van alles wat dat niet is. Met alle heisa erbij die daarmee gepaard gaat. Het menselijk denken houdt niet van de realiteit. Die is niet zoals we zo graag willen. Daarom doen we er van alles aan om ‘m zo te krijgen zodat ‘ie past in dat wat we wél willen.

Oftewel zoals Jed McKenna het zegt in zijn tweede boek ‘Spiritueel incorrecte verlichting’; “Als je kinderen hebt en een huis, een auto, een carriëre’, of wat voor leven dan ook dat je erg bevalt, en als je alles wat hier ter sprake komt ziet als een manier om je levensstijl spiritueel te verbeteren, dan moet ik je eraan herinneren dat dromen heel erg ontvlambaar zijn, en ik zou je willen aanraden je heel, heel serieus af te vragen waarom je boeken leest over het in de fik steken van je wereld.” Ahum.

Krishnamurti zegt het zo in ‘De woorden van Krishnamurti’, deel 1; “Weet je, mensen stellen zich gewoonlijk voor dat de zogenaamde verlichting of zelfrealisatie of Godrealisatie, of hoe je het ook wilt noemen (woorden die ik niet graag gebruik) een soort extase is, dat je in zo’n toestand altijd gelukkig bent en permanent opgaat in gelukzaligheid. Dit is het beeld dat ze van verlichte mensen hebben. Maar dit beeld heeft absoluut niets te maken met wat het werkelijk is… Daarom zeg ik heel vaak tegen mensen; Als ik je een glimp zou kunnen geven van wat het werkelijk is, dan zou je het met nog geen tang willen aanpakken. Je zou maken dat je wegkwam, want dit is niet wat je wilt. Maar wat je wel wilt bestaat niet.” Dus

Of zoals mijn paardrij-instructrice zegt; “Iedereen wil dat ultieme Anky-gevoel zonder er al te veel voor te hoeven doen.” Ik bedoel maar, iedere ruiter kent het beeld van olympisch kampioene Anky van Grunsven, die haar paard tot in de perfectie onder controle heeft, één lijkt te zijn met dit wonderbaarlijk vierbenige wezen. Het ziet er zo moeiteloos uit en iedereen wil zo zacht, elegant en bewonderenswaardig over de aardbodem zweven.

Maar mevrouw van Grunsven is een ambiteuze, uiterst goed getrainde topsporter. Paardrijden is keihard werken. Het begint met stuiteren en hobbelen en volhouden. Vallen, ongelukken misschien zelfs wel (Anky brak ooit haar bovenbeen), en angstige momenten zijn niet uitgesloten. Verderop vraagt het om perfecte coördinatie, een totale beheersing van al je spieren en je gemoed en het bestuderen van de bewegingstechniek van het paard. Je lichaam heeft zo z’n eigen voorkeuren voor houding en beweging maar die zijn niet van belang.

Het enige wat telt is weten waar je aan werkt en het je zo goed mogelijk afstemmen op de 600 kilo bewegende spiermassa onder je. Je hulpen moeten galshelder zijn, niet teveel, niet te weinig. Ook al ben je moe of ongeduldig of heb je ruzie met je vriend, er mag geen spanning zijn in welke ledemaat dan ook. Je humeur van die dag? Volslagen onbelangrijk. Honger? Stel maar even uit. Elke droom van eenheid wordt aan diggelen geslagen als het potverdorie niet lukt om je rechterbeen stil te houden, je paard als een plank de bocht doorgaat terwijl je geen idee hebt hoe dat komt, je weer aan die linkerteugel zit te trekken terwijl je instructrice al 100 keer gezegd heeft dat je dat niet moet doen of als je paard besluit dat het vandaag toch liever wil rennen en schrikken van elk wapperend blaadje of gewoon lekker in de contramine zijn.

Paardrijden is afzien. Bloed, zweet en tranen. Het hier en nu is het enige wat telt. Aanwezig zijn, alles overboord gooien wat je  gewenst en bedacht had, alleen maar reageren op dat wat er op dat moment is. Totaal afgestemd en totaal vrij van elke vorm van dwang, maar wel assertief en beslist.

En dan, dan kán het gebeuren dat je ineens, zomaar ineens, voelt dat die vier benen onder je in perfecte harmonie bewegen. Dat je de  cadans moeiteloos kunt volgen, dat alle kracht onder je gebundeld is en je gedragen wordt door dit door God geschonken dier, op een manier die je de verwondering en verrukking van een kind teruggeeft.

Zo is het ook met de weg naar geluk. Alles waar je ooit in geloofde, alles wat je ooit dacht dat je was brokkelt af. Genadeloos is de confrontatie met je eigen illusies en tekortkomingen. Je wereld stort in. Alles waar je ooit naar streefde is volslagen onbereikbaar geworden omdat alleen al het streven een barriére opwerpt tussen jou en simpel geluk, waardoor die heerlijke staat gedoemd is niet meer dan een glimp aan de verre einder te blijven.

Geluk is overgave. ‘Kieken wat t wod’, zoals mijn leraar improviseren op de drama-opleiding zei. En daar houdt je hoofd. Opgeven van zekerheden is niet zijn sterkste kant. Het maakt het overbodig.  Maar het is de enige weg om de verwondering en verrukking terug te vinden die je ooit verloren bent.

Je las een blog van, Wieneke Timmermans, dieptecoach en stresscounselor mbv paarden.

Ik help je graag